zondag 22 februari 2026

Dag 3: naar Abla, 15.4 km

Midden in de nacht schrokken we wakker van een enorme knal buiten, gevolgd door een hoop geruzie op straat. Even daarna luide hoempapa-muziek, waarschijnlijk gemaakt door het dweilorkest, dat we gistermiddag al door het dorp zagen slieren. Mijn oordoppen hielden het maar deels tegen. 

Vanmorgen zaten we weer gemoedelijk met de hele bups aan tafel te ontbijten. 

De route loopt van rechts naar links

Ruth had een uitstekende oplossing bedacht om de route van vandaag in te korten; er kwam een taxi die ons de berg opbracht.

We begonnen de tocht dus met een heerlijke afdaling zig zag de berg af. Het was nog heerlijk fris (9 graden!) en doodstil, alleen wij in die enorme bergmassa. Geen weg, geen auto's, geen huizen.

De hele pijlen geven overal goed aan hoe we lopen moeten, zodat we niet voortdurend de kaart op onze telefoontjes hoeven te checken.

En wéér kwamen we uit in een rivierbedding, eerst droog, later met een meanderend stroompje, waar we regelmatig heen en weer moesten springen.

Al snel begon de zon warmte te geven en liepen we zonder enige beschutting immer geraden aus licht stijgend 'stroomopwaarts'.
Bij het uittrekken van mijn best moet ik mijn mooie metalen drinkfles zijn verloren. Er rustte geen zegen op die fles. De eerste verloor in in een ravijn in Turkije bij een levensgevaarlijke manoevre, ik kocht een nieuwe die ik kwijtraakte in de metro van Parijs en deze derde bleef achter in een rivierbedding in Zuid Spanje. Nu is het mooi geweest en wil ik hem niet eens meer! 

Een feestelijke versiering boven en straatje in een dorpje waar we pauzeerden

Vanmorgen was ik al niet fit wakker geworden. Ik genóót van de afdaling, maar toen de route na onze pauze wéér door die oneindige rivierbedding liep begon het me allemaal op te breken. Ik was moe, de zon brandde op mijn hoofd, mijn spieren deden pijn, mijn schouders waren de rugzak meer dan zat en we bléven maar over die eindeloze rivierstenen lopen. Ik verloor aan de late lunch in een café in het voorlaatste dorpje om half vier mijn laatste beetje moed en motivatie, zelfs koude cola kon geen energie meer geven. Terwijl ze allemaal aan de mosselen, brood en salade zaten, was ik te  moe om mee te eten. 

Ruth praatte me uit het hoofd om de laatste 6.3 km tóch nog door te lopen; ik werd door een tandeloze taxichauffeur bij het hostel voor vannacht afgeleverd en kroop na een warme douche heerlijk mijn bed in.
Mijn herstelvermogen is nog niet tegen deze inspanningen opgewassen. Tóch mijn hand overspeeld? 

Kijken wat morgen brengt.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten